Energie
Een belangrijke vorm van inkomsten bij anaerobe
vergisting is dat groene elektriciteit kan opgewekt
worden via de verbranding van het opgewekte
biogas. Elektriciteitsopwekking via biogas uit
mest of biomassa komt in aanmerking voor het
systeem van de groenestroomcertficaten.
Daarnaast keurde de Vlaamse regering op 5 maart
2004 het besluit inzake de warmtekrachtcertificaten
goed waardoor een extra steunmaatregel van kracht
wordt, nl. het feit dat voor een kwalitatieve
warmtekrachtkoppelingsinstallatie WKK-certificaten
kunnen bekomen worden. Dit betekent een bijkomende
inkomst voor een vergistingsinstallatie.
Groenestroomcertificaten.
Gedurende de anaerobe vergisting wordt
de biodegradeerbare organische stof door micro-organismen
omgezet tot biogas, een mengsel van voornamelijk
methaan (CH4) en koolstofdioxide (CO2). Het
biogas kan gebruikt worden ter vervanging van
fossiele brandstoffen zoals aardgas of mazout.
Wanneer dit biogas verbrand wordt in een motor
die een generator aandrijft, kan (groene) elektriciteit
geproduceerd worden.
Wanneer elektriciteit geproduceerd wordt uit
zogenaamde hernieuwbare energiebronnen dan komt
men onder bepaalde voorwaarden in aanmerking
voor groenestroomcertificaten. Deze voorwaarden
werden vastgesteld in het 'Besluit van de Vlaamse
regering van 5 maart 2004 inzake de bevordering
van elektriciteitsopwekking uit hernieuwbare
energiebronnen'.
Welke afvalstromen komen in aanmerking?
Het besluit bepaalt dat groenestroomcertificaten
toegekend kunnen worden voor elektriciteit opgewekt
uit biogas afkomstig van de vergisting van organisch-biologisch
afval. Daarbij speelt het geen rol of dit biogas
afkomstig is van een vergistingsinstallatie
of van een stort. Groenestroomcertificaten worden
ook toegekend voor elektriciteit uit dierlijke
mest. M.a.w. zowel vergistingsinstallaties die
enkel organisch-biologisch afval verwerken of
die organisch-biologisch afval co-vergisten
met dierlijke mest kunnen aanspraak maken op
de groenestroomcertificaten. Ook de energie
opgewekt uit de organisch-biologische fractie
afkomstig van dierlijk afval, bermmaaisel, groente-,
fruit- en tuinafval, groenafval, organisch bedrijfsafval
en RWZI- en waterzuiveringsslib komt in aanmerking
voor groenestroomcertificaten. M.a.w. vergisting
van deze stromen kan dus ook groene stroom opleveren.
Er zijn wel bepaalde beperkingen naar het toekennen
van groenstroomcertificaten toe wanneer in de
verwerking het organisch-biologisch deel van
restafval (= niet selectief ingezameld afval)
mee gebruikt werd.
Het groenestroomcertificaat.
De producent van elektriciteit uit hernieuwbare
energiebronnen kan groenestroomcertificaten
aanvragen bij de VREG. Per MWh geproduceerd
uit hernieuwbare energiebronnen (bv. via biogas)
bekomt de producent 1 groenestroomcertificaat.
Dit wordt door de VREG bijgehouden via een internetgebaseerd
softwareplatform. Het is dus een immaterieel
goed.
De producent van elektriciteit kan deze certificaten
dan (virtueel) verhandelen of inleveren bij
de VREG om aan zijn verplichtingen te voldoen.
De elektriciteitsproducenten zijn immers verplicht
een zeker percentage van hun geleverde elektriciteit
aan eindafnemers uit het voorgaande jaar uit
hernieuwbare elektriciteit te leveren. Tegen
2010 moet dit 6% zijn. Wanneer ze dit niet bereiken
zijn boeteclausules voorzien. De boete is vastgelegd op € 125 per ontbrekend
certificaat. Aangezien de groenestroomcertificaten
vrij verhandelbaar zijn zal de waarde ervan
bepaald worden door de marktwerking van vraag
en aanbod alsook door de boetetarieven. Er is
echter wel een minimumprijs vastgelegd door
de Vlaamse Regering. Voor groenestroomcertificaten
uit organisch-biologische stoffen is dit €
80, en dit gegarandeerd tot 10 jaar na indienstname
(zie
wijziging elektriciteitsdecreet).
Het is echter niet de volledige bruto productie
van elektriciteit die in aanmerking komt voor
GSC. Van die bruto elektriciteitsproductie moeten
nog een aantal zaken afgetrokken worden zoals
het verbruik van de utiliteitsvoorzieningen
en van de voorbehandeling. Meer info hieromtrent
is verkrijgbaar bij de VREG.
En groene warmte?
Het platform voor anaerobe vergisting
in Vlaanderen pleit voor een vergoeding voor
groene warmte. Het kan niet zijn dat bedrijven
die (enkel) groene warmte produceren hiervoor
niet vergoed worden. Het past perfect binnen
de filosofie van de groenestroomcertificaten,
nl. dat voor het produceren van deze energie
(warmte) geen aanspraak gemaakt wordt op fossiele
brandstoffen. Bovendien is het energetisch rendement
van warmteproductie veel hoger dan van elektriciteitsproductie.
Wilt u hier meer over te weten komen.
Het volledige document is terug te vinden
op de website
van justitie, waarbij geklikt moet
worden op 'geconsolideerde wetgeving' en dan
gezocht kan worden op titel.
Het kan ook zonder moeite: [Besluit
Groene Stroom 5 maart 2004]
Hier vindt u het aanvraagformulier voor groenestroomcertificaten terug.
Voor vragen omtrent groene stroom kan u altijd
bij ons terecht of bij het Vlaams Energie Agentschap (VEA)
e-mail energie@vlaanderen.be en zeker
ook bij de VREG.
WKK-certificaten
voor kwalitatieve warmtekrachtinstallaties.
Valorisatie van de warmte op dezelfde plaats
van elektriciteitsproductie.
De filosofie die schuilt achter de WKK-certificaten
is dat via een WKK gedelokaliseerd elektriciteit
kan geproduceerd worden en dat de warmte zoveel
mogelijk gerecupereerd kan worden. Bij klassieke
elektriciteitsproductiesystemen wordt de warmte
doorgaans niet gevaloriseerd. Aangezien op het
bedrijf waar de WKK staat wel de warmte gevaloriseerd
wordt, is dit een besparing op het verbruik
van fossiele brandstoffen.
Systeem van de WKK-certificaten
Het systeem van de WKK-certificaten is gelijkaardig
aan het systeem van de groenestroomcertificaten
en is bovendien ook cumuleerbaar met groenestroomcertificaten.
Het is dus ook zo dat elektriciteitsleveranciers
een bepaald quotum aan vrij verhandelbare WKK-certificaten
nodig hebben, zoniet worden boetes opgelegd.
Deze bedragen 45 euro per ontbrekend
certificaat.
Belangrijk is dus dat vergistingsinstallaties
die het geproduceerde biogas gaan verbranden
in een WKK, naast de groenestroomcertificaten
ook nog WKK-certificaten kunnen bekomen.
De eerste 4 jaar komen alle WKK-certificaten
in aanmerking om ingeleverd te worden om te
voldoen aan de quota. Daarna daalt het aantal
inleverbare certificaten afhankelijk van de
relatieve primaire energiebesparing.
Kwalitatieve WKK's.
Een WKK-certificaat wordt toegekend voor iedere
1000 kWh 'warmtekracht' die men heeft bespaard
via het gebruik van de WKK. De warmtekrachtbesparing
wordt bekomen via een formule die de primaire
energiebesparing berekent door gebruik te maken
van een kwalitatieve WKK in plaats van een referentiecentrale
en een referentieketel die eenzelfde hoeveelheid
netto elektriciteit en nuttige warmte zouden
opwekken als die WKK.
Een voorwaarde voor de toekenning van de WKK-certificaten
is dus dat deze maar toegekend worden voor de
zogenaamde 'kwalitatieve warmtekrachtinstallaties'.
Een kwalitatieve WKK moet een relatieve primaire
energiebesparing realiseren die groter is of
gelijk aan 5% t.o.v. gescheiden opwekking. Deze
relatieve primaire energiebesparing wordt berekend
via een formule die rekening houdt met elektrische
en thermische rendementen van de WKK in vergelijking
met deze van klassieke referentiesystemen. De
WKK moet dan ook erkend worden door de VREG
(meer info op de
website van de VREG )
Wenst u expert te worden in WKK-certificaten...
Meer info omtrent de WKK-certificaten is te
vinden op de website van Cogen-Vlaanderen.
In hun publicatie 'Wegwijzer 2004' is een handig
overizcht van technologie, wetgeving en nuttige
adressen. 'Wegwijzer 2007' is nog in aanbouw. Verdere info is ook steeds terug te
vinden op de website van de VREG, bij het onderdeel
'wetgeving' (www.vreg.be).
Hier vindt u het aanvraagformulier voor warmtekrachtcertificaten terug.
Hier vindt u het formulier voor melding van ingrijpende wijze voor een warmtekrachtinstallatie terug.
Bonus voor CO2-Bemesting
CO2 is niet meer weg te denken in de glastuinbouw. Het is een essentieel element in de groei van planten en er wordt dan ook effectief aan CO2-bemesting gedaan. In bepaalde gevallen wordt er zelfs gewoon aardgas verstookt om CO2 te leveren aan de serre(!). Langs de andere kant worden de rookgassen van WKK's veelal gewoon de lucht in geblazen, nochtans zit ook daar CO2 in en kunnen er dus synergieën gecreëerd worden door deze ten volle te benutten. De grote winnaar hierbij is opnieuw ons teerbemind milieu. De Vlaamse overheid wil dit stimuleren en heeft daarom een fiscale stimulans uitgewerkt. Wanneer een warmtekrachtinstallatie gebruikt wordt voor de productie van CO2, wordt de gemeten hoeveelheid geproduceerde benutte warmte met 10% verhoogd voor de berekening van de warmtekrachtbesparing.
Op deze pagina vindt u een uitgewerkt voorbeeld ter verduidelijking.
Voor de desbetreffende wetgeving verwijzen we naar Artikel 10, §4, van het WKK-ontwerpbesluit. (te raadplegen op deze pagina ).